Thuis oefenen › Wereld
Gezond eten en de voedingsdriehoek: zo praat je er thuis over
In het eerste leerjaar leert je kind eten indelen in gezond en ongezond, met de voedingsdriehoek van Gezond Leven als hulp. Wat in de driehoek staat, is goed voor je lichaam. Wat in de rode bol ernaast staat, heb je niet nodig: dat mag af en toe, niet te vaak en niet te veel. Daarbij komen drie nieuwe woorden: peulvruchten, zaden, en oliën en vetten.
Bijgewerkt op 21 oktober 2026
Wat je kind in de klas leert
- Waarom we eten. Mensen, dieren en planten hebben voedsel nodig om te leven en te groeien. Eten geeft energie om te bewegen en te spelen, en het houdt je lichaam warm.
- Eten bij naam kennen. Niet gewoon "fruit", maar appels, peren, mandarijnen en kiwi's. Niet gewoon "groenten", maar wortels, broccoli, paprika en komkommer.
- Gezond of ongezond. Met de voedingsdriehoek als hulp zegt je kind of iets gezond of ongezond is. Het leerplan geeft zelf de voorbeelden: groenten en fruit zijn gezond, snoep is ongezond.
- Peulvruchten. Bruine en witte bonen, linzen en kikkererwten. Groene boontjes horen er niet bij: die tellen als groente.
- Zaden. Uit een zaad kan een nieuwe plant groeien. Appelpitten, zonnebloempitten en pompoenpitten zijn zaden, en een boon ook.
- Oliën en vetten. Olijfolie en zonnebloemolie zijn vloeibaar, boter is hard. Het zijn allemaal vetten.
In het leerplan Op.stap: 3.2.GL1.10, 3.2.GL1.11 en 3.2.GL1.12 (voedsel om te leven en te groeien, om te bewegen en om de lichaamstemperatuur op peil te houden), 3.2.GL1.13 (verschillende voedingsmiddelen kennen), 3.2.GL1.14 (voedingsmiddelen indelen in gezond en ongezond), 9-1.2.GL1.3 en 9-1.2.GL1.4 (met de voedingsdriehoek gezonde en ongezonde voedingsmiddelen herkennen, met als voorbeelden groenten en fruit, en rood vlees en snoep), 9-1.2.GL1.1 (de peulvruchten), 9-1.2.GL1.2 (de oliën en de vetten) en 9-1.2.GL1.10 (de zaden). Wat je meer, minder of zo weinig mogelijk eet, de lagen van de driehoek, komt in het tweede leerjaar (9-1.2.GL2.7).
De voedingsdriehoek in het kort
Vlaamse scholen werken met de voedingsdriehoek van het Vlaams Instituut Gezond Leven. Sinds 2017 staat hij op zijn kop: het brede deel staat bovenaan, want daar staat wat het belangrijkst is. Van boven naar onder:
- Blauw: water. Helemaal bovenaan, boven alles. Water is de beste drank om je dorst te lessen. Kinderen jonger dan twaalf drinken best vooral kraanwater.
- Donkergroen: eten van planten. Groenten, fruit, volkorenbrood, gekookte aardappelen, peulvruchten, ongezouten noten en zaden, en plantaardige olie.
- Lichtgroen: eten van dieren. Vis, eieren, melk, yoghurt natuur, kaas en kip.
- Oranje: rood vlees en boter. Daar zitten nog nuttige dingen in, maar je eet er best minder van.
- De rode bol, naast de driehoek. Snoep, chocolade, choco, koeken en taart, chips, frieten, frisdrank en ijsthee, en ook hesp en salami. Ze vullen wel, maar je lichaam heeft er weinig aan. Gezond Leven zegt: niet te vaak en niet te veel.
Voor je kind is de afspraak eenvoudig: wat in het blauw of het groen staat, is gezond, en wat in de rode bol staat, is ongezond. Het oranje ligt ertussen: het leerplan noemt rood vlees als voorbeeld van ongezond, de driehoek zet het bij "minder". Niet alles staat op de tekening. Witbrood, fruitsap, chocomelk, fruityoghurt en witte pasta staan in wat Gezond Leven de grijze zone noemt: niet de beste keuze, maar ook niet in de rode bol.
Bron: de voedingsdriehoek van het Vlaams Instituut Gezond Leven, met de pagina's per voedingsgroep.
Zo oefen je thuis, zonder scherm
-
Benoem wat er op tafel staat
Vraag tijdens het eten: "Wat is dit?" En dan: "Is dat groente of fruit?" Een paprika, een tomaat, een mandarijn. Hoe meer eten je kind bij naam kent, hoe makkelijker het indelen wordt.
-
Sorteer de boodschappen
Leg na het winkelen alles op tafel. Je kind maakt twee hopen: in de driehoek en in de rode bol. Twijfel je, zoals bij witbrood, fruitsap of kaas? Leg het apart en zeg eerlijk: "Dat staat niet op de tekening."
-
Kijk samen in de brooddoos
Wat zit er vandaag in de brooddoos en in de drinkbus? Een volkorenboterham, een stuk fruit, water. Laat je kind zelf een gezond tussendoortje kiezen uit twee: een appel of een mandarijn, wat worteltjes of een banaan.
-
Zoek de zaden
Snijd samen een appel, een paprika of een tomaat open en zoek de zaden. Leg er een paar zonnebloempitten of pompoenpitten bij. "Uit een zaad kan een nieuwe plant groeien." Wie wil, legt een boon op nat watten in een potje en kijkt hoe ze kiemt.
-
Zet olie en boter naast elkaar
Een fles olie en een blokje boter uit de koelkast. Laat je kind kijken en voelen: de olie is vloeibaar, de boter is hard. Het zijn allebei vetten.
-
Kook eens met peulvruchten
Linzen in de spaghettisaus, bonen in de soep. Laat je kind de droge linzen of bonen eerst bekijken en tellen. Zo krijgt het woord "peulvruchten" een gezicht.
Waar kinderen vaak op vastlopen
- Lekker is ongezond. Sommige kinderen denken dat alles wat lekker is, ongezond is. Aardbeien en druiven zijn lekker en gezond. Praat over wat eten doet voor je lichaam, niet over lekker of vies.
- Hesp en choco. Ze zitten in veel brooddozen, en toch staan ze in de rode bol: hesp is bewerkt vlees, choco is chocopasta. Dat verrast ook veel ouders. Het betekent niet dat het nooit mag, wel dat je afwisselt.
- Aardappelen en frieten. Een gekookte aardappel staat in het donkergroen, frieten en chips staan in de rode bol. Het is dezelfde aardappel: het hangt af van hoe hij klaargemaakt is.
- Fruitsap is toch fruit? Vers fruit staat in de driehoek, fruitsap niet: dat zit in de grijze zone, ook versgeperst. Grenadine, ijsthee, frisdrank en sportdrank staan in de rode bol. Om je dorst te lessen is water de drank.
- Eén boon, drie woorden. Een boon is een peulvrucht, en ook een zaad. Dat is geen fout: allebei klopt. Groene boontjes zijn dan weer gewoon groente.
Gratis werkblad: gezond eten
Vier oefeningen op één blad: gezond of ongezond aankruisen, de gezonde dranken omcirkelen, de zaden en de vetten zoeken, en een gezonde brooddoos tekenen. Met de driehoek en de rode bol als tekentjes, zoals in de klas.
Download het werkblad (pdf) Eén blad A4, gratis en zonder inschrijving. Vrij te kopiëren voor thuis en in de klas.Zo oefent KlasKrak het
In het blok Wereld staat het spel Gezond eten. Je kind ziet een eten, hoort wat het is, en tikt op "gezond" of "ongezond". Eronder staat een eigen tekening van de voedingsdriehoek met de rode bol, en na het antwoord licht de plek van dat eten op. Tussendoor komen er andere vragen: tik wat gezond is, welke drank gezond is (water of melk, tussen frisdrank, ijsthee, sportdrank en grenadine), en tik de peulvruchten, de zaden of de olie en het vet.
De eerste keer hoort je kind waarom: "Dat is goed voor je lichaam" of "Dat heb je niet nodig. Af en toe eens mag." Na een fout klinkt het juiste antwoord. Er zit alleen eten in waarover de driehoek duidelijk is: witbrood, fruitsap, kaas, kip of biefstuk vraagt het spel niet. Gezond eten probeer je twee rondes gratis uit.
Vragen van ouders
Mag ik tegen mijn kind zeggen dat snoep slecht is?
Liever niet. In de klas heet het "ongezond": dat heb je niet nodig, en het mag af en toe, niet te vaak en niet te veel. Gezond Leven raadt ouders aan om niet zwart-wit over eten te praten, en om snoep niet helemaal te verbieden: wat verboden is, wordt net aantrekkelijker. Zeg liever wat eten doet: "Van fruit en groenten word je groot en kan je goed spelen. Snoep is lekker, maar je lichaam heeft er weinig aan." Gebruik snoep ook niet als beloning, en geef het dessert los van wat er van het bord gegeten is.
Mijn kind zegt dat ik ongezond eet. Wat zeg ik dan?
Kinderen nemen een nieuwe regel heel letterlijk. Geef het gewoon toe, zonder schuld: "Klopt, chips staat in de rode bol. Ik eet het af en toe, en dan een klein kommetje." Zo leert je kind waar het om gaat: hoe vaak en hoeveel, niet goed of fout. Gezond Leven geeft zelf die tip: doe een kleine portie in een kommetje en eet niet uit de zak.
Waarom staat melk in de driehoek en chocomelk niet?
Melk natuur staat in het lichtgroen. Chocomelk heeft toegevoegde suiker en staat in de grijze zone, net als fruitsap. Water staat bovenaan: voor kinderen jonger dan twaalf is kraanwater de drank voor de hele dag. Vul de drinkbus dus gerust gewoon met water uit de kraan.
Mijn kind lust geen groenten. Moet ik aandringen?
Nee. Volgens Gezond Leven heeft een kind gemiddeld 10 à 15 keer proeven nodig voor het een nieuwe smaak lekker vindt. Blijf het dus aanbieden, zonder dwang. Ruiken, aanraken of even likken telt ook als proeven. Het kind beslist zelf of en hoeveel het eet; jij beslist wat er op tafel komt.
Meer gidsen: afval sorteren, verkeer, rekenen met geld en alle gidsen.
KlasKrak